In
het Land van Maas en Waal is de strijd tegen het water al eeuwenlang een
vertrouwd gegeven. Wanneer de Maas buiten haar oevers trad, kwamen uitgestrekte
delen van het polderlandschap onder water te staan. Om dat probleem aan te
pakken werd in 1918 in Appeltern het stoomgemaal De Tuut gebouwd. Het gemaal
kreeg de belangrijke taak om overtollig water uit de polders naar de Maas af te
voeren.
„Het
ging om een gebied van ruim 10.000 hectare,” vertelt dijkgraaf Gerrit Kok van het Waterschap Rivierenland.
„Bij hoogwater moest al dat overtollige water zo snel mogelijk worden
weggepompt.” Volgens Klaas
Scarloo
stroomde het water vanuit het Maas-Waalkanaal de polders binnen, waardoor de
noodzaak van een krachtig gemaal groot was.
Na
tientallen jaren trouwe dienst raakte het stoomgemaal echter verouderd. De Tuut
stond zelfs op het punt om gesloopt te worden. Dat vooruitzicht was voor Jan Reijnen, voorzitter van Stichting Baet en
Borgh, onacceptabel. Hij zette een grootschalige campagne op touw om dit
bijzondere stukje cultuurhistorie voor het Land van Maas en Waal te behouden.
Wat
volgde was een restauratieproject van bijna twintig jaar, gedragen door een
grote groep vrijwilligers. Hun inzet werd uiteindelijk beloond. Op 7 mei 2004
werd De Tuut, in aanwezigheid van tientallen genodigden, feestelijk heropend.
Voor
oud-polderbestuurder Maurice
Termont
was het een bijzonder moment. „Dit had ik nooit verwacht,” vertelt hij.
„Vroeger hielden we de waterberichten van Rijkswaterstaat nauwlettend in de
gaten. Als het peil bij Borgharen 42 meter boven NAP bereikte, wisten we dat
het tijd was om te gaan stoken.”
De
historische opening werd vastgelegd door cineast Jos Kruisbergen en zijn assistent Geert Megens, zodat ook toekomstige generaties
kunnen zien hoe een bijna verloren monument nieuw leven kreeg.
Inmiddels
heeft het oude dieselgemaal plaatsgemaakt voor een elektrisch gemaal, maar De
Tuut zelf is behouden gebleven als tastbare herinnering aan de waterstaatsgeschiedenis
van de regio. Met zichtbare trots kijkt Jan Reijnen terug op het resultaat.
„Gelukkig is dit unieke stukje cultureel erfgoed bewaard gebleven.”
Ook
vrijwilliger Christoffel
Heijkoop
beseft hoe bijzonder dat is. „Dit is een historisch moment,” zegt hij.
Reijnen
benadrukt vooral de enorme inzet van de vrijwilligers. „Ik ben trots op
iedereen die zich jarenlang heeft ingezet. Om de veertien dagen offerden zij
hun vrije zaterdag op voor de restauratie van De Tuut. En natuurlijk moesten hun
vrouwen of echtgenotes dat allemaal maar goed vinden. Vaak kwamen ze na een dag
werken thuis met vuile kleren die meteen naast de wasmachine gelegd moesten
worden, anders kwamen ze het huis niet meer in,” zegt hij lachend.
Dankzij
die gezamenlijke inspanning bleef De Tuut behouden voor toekomstige generaties.
Het voormalige stoomgemaal vertelt nog altijd het verhaal van de strijd tegen
het water én van de mensen die weigerden een uniek stuk geschiedenis verloren
te laten gaan.
De
film van de heropening, gemaakt door Jos Kruisbergen en Geert Megens, is te
zien op
www.joskruisbergen.nl